Paul Moeyes

  • Illustraties_3
  • Illustraties_6
  • Illustraties_4
  • Illustraties_2

Inhoudsopgave

Aankondiging nieuwe boek: De Zwaardjaren

de zwaardjaren 1 20160825 1593622728De Eerste Wereldoorlog aan het westelijk front had zo gemakkelijk de oorlog van de fotograaf kunnen worden. Beroepsfotografen stonden te popelen om naar het front af te reizen en onder de gemobiliseerde officieren en soldaten bestond bepaald geen gebrek aan enthousiaste foto-amateurs. Kwaliteitscamera’s en handzame kiekkastjes waren ruim voorradig, en in alle oorlogvoerende landen was er een geïllustreerde pers die in wekelijkse afleveringen een beeldverslag van de oorlog had kunnen leveren. Dat beeldverslag kwam er, maar niet aan de hand van foto’s. De geïllustreerde bladen die vanaf het uitbreken van de oorlog verslag deden van de wereldkrijg stonden juist vol met getekende impressies. Het waren de studiotekenaars die aanvankelijk de beeldvorming rond de oorlog bepaalden en mijn boek beoogt een eerste gestructureerde duiding te geven van het tekenwerk dat zij tussen augustus 1914 en november 1918 leverden.

 

De omslagillustratie is een typisch voorbeeld van een Duitse propagandatekening uit het eerste oorlogsjaar. De Duitse infanterie, met de bajonet op het geweer, bestormt een loopgraaf die wordt verdedigd door Franse koloniale troepen. Het is een cruciaal moment in de actie: de Duitse aanvoerder lijkt net te zijn getroffen (onbedoeld lijkt het bijna alsof hij door zijn eigen manschappen in de rug wordt aangevallen), maar hij heeft zijn troepen naar een overwinning geleid: de Franse aanvoerder (als bijna altijd bij de Franse koloniale troepen, een blanke officier) staat op het punt weg te vluchten, daarmee een algemene terugtocht inluidend.
Deze tekening staat bol van de negentiende-eeuwse oorlogsromantiek: de Duitse aanvoerder leidt zijn troepen met geheven zwaard (later in de oorlog werd dat vervangen door een revolver), op de voet gevolgd door het regimentsvaandel. Zelfs de tamboer rent mee in het voorste gelid. De Duitse officier lijkt te zijn getroffen door een kogel, maar verder wordt in de tekening niet geschoten; de strijd wordt met de blanke sabel en bajonet beslecht. Artillerievuur is alleen aanwezig in de vorm van wat decoratieve wolkjes, de dagen van een alvernietigende vuurwals die het slagveld zou veranderen in een maanlandschap lijken nog ver weg.

In de brute werkelijkheid van 1914 eindigden veel van dit soort infanterieaanvallen in een bloedbad omdat de aanvallers al op grote afstand van de vijandelijke stellingen door mitrailleurs werden neergemaaid, maar in de tekening is geen mitrailleur te zien. De Franse verdedigers lijken in een soort greppel te staan, wat hun kwetsbaarheid aanzienlijk vergroot (zeker als de Duitsers het vuur hadden geopend in plaats van een bajonetcharge uit te voeren). Na de eerste oorlogswinter werden de loopgraven minimaal manshoog uitgegraven, wat de verdedigers een degelijke bescherming bood, vooral tegen een bajonetaanval. Maar de oorlogstekeningen behielden nog lang een voorliefde voor de dramatische, heroïsche actiescenes waarin het zwaard en de bajonet de hoofdrol speelden. Dat soort tekeningen was bij uitstek geschikt om  het thuispubliek een hart onder de riem te steken en het geloof in een voorspoedig oorlogseinde overeind te houden.

Toch verloor de oorlogstekening in de loop van de oorlog zijn effectiviteit. De verklaring daarvoor beoogt dit boek te geven door de evolutie van de visuele oorlogsverslaggeving te traceren aan de hand van een representatieve selectie Franse, Britse en Duitse oorlogstekeningen. Ook het Nederlandse tekenwerk aan bod: niet alleen is dat van een bijzonder hoge kwaliteit, maar het ‘neutrale’ perspectief van de langs de zijlijn staande Nederlandse tekenaars geeft een extra reliëf aan de oorlogstekeningen van hun collega’s.
De Zwaardjaren biedt door een kritische analyse van ruim driehonderd zwart-wit en kleurentekeningen (en foto’s) een nieuw perspectief op de Eerste Wereldoorlog de Brits-Duitse propagandastrijd over de inval in België, hoe het thuisfront bij de oorlog betrokken raakte door bombardementen en blokkades, welke de rol van de vrouw was in de strijdende naties, hoe Nederland de oorlog beleefde vanaf de zijlijn, en hoe de oorlogsromantiek in de loopgraven in de loop van 1916 plaatsmaakte voor een groeiende oorlogsrealiteit.

Copyright 2016 Paul Moeyes

p.moeyes@hva.nl