De Nederlandse regering zou vier jaar lang angstvallig waken over de vaderlandse neutraliteit, maar in de hectiek van de eerste oorlogsdagen leidden spontane humanitaire betrokkenheid tot onvoorziene problemen.
Nadat Nederland op vrijdagmiddag 31 juli 1914 de algehele mobilisatie had afgekondigd, besloot het Rode Kruis uit voorzorg in Maastricht de Augustijnenkerk tot noodhospitaal in te richten. Drie lokale artsen kregen de opdracht alles in gereedheid te brengen en al op 2 augustus kon de inrichting met zestig bedden in gebruik worden genomen De plaatselijke garnizoenscommandant, luitenant-kolonel J.W. van Alphen, sprak daarbij een paar passende woorden. In Eijsden werd terzelfdertijd het Ursulinen-klooster voor gewondenopvang in gereedheid gebracht. Op dat moment was nog niet duidelijk of het neutrale Nederland en het minstens zo neutrale België direct bij de oorlog betrokken zouden raken.
Tijdens het inlezen of onderzoek voor een boek stuit je vaak op kleine gebeurtenissen en anekdotes die je graag zou gebruiken, maar die toch niet in het verhaal passen – of er zelfs helemaal niets mee te maken hebben. Ik heb besloten een vijftigtal van die episoden nader uit te werken en te bundelen. De titel Scherven wijst op de grote diversiteit en de losheid van de opzet. Alle scherven zijn afkomstig van dezelfde granaat – de Eerste Wereldoorlog – maar ze zijn alle een andere kant opgevlogen. Vele hebben een Nederlandse connectie, maar zelfs dat is niet altijd het geval. Wel heb ik geprobeerd de Scherven zo goed en kwaad als dat ging chronologisch te rangschikken. Het oorlogsverloop en het herhaaldelijk opduiken van bepaalde personen en gebeurtenissen creëert dan uiteindelijk toch weer een soort samenhang. Hierbij alvast een voorproefje.